Volgens mij
hebben we er allemaal minstens één: een broer, vader, moeder, zus of ander
familielid dat niet begrijpt waarom wij in godsnaam in Borgerhout wonen. Ze
vragen zich af waarom we niet verhuizen naar een ‘betere wijk’. Ze snappen niet
hoe je kunt aarden tussen al dat ‘vreemd volk’ hier. Ze zijn bang om hun auto
te parkeren en moeten er al helemaal niet aan denken om hier rond te lopen.
En dan is
er een rommelmarkt op het Krügerplein en komen ze geheel toevallig op bezoek.
Eerst grommelen ze over het tekort aan parkeerplaatsen in Borgerhout – iets wat
wij alleen maar kunnen beamen – maar een uur later zie je ze verwonderd en
geamuseerd kijken naar wat er zich voor hun neus afspeelt. De mensen zijn hier
behoorlijk vriendelijk tegen elkaar, dat valt op. Bovendien lijken ze elkaar
allemaal te kennen. De buren slaan een praatje met elkaar – in de kraampjes of
op de stoep van een huis. Sommigen kussen elkaar zelfs, stel je voor! De dozen
met taartjes worden opengehouden aan andere kraampjes. Er wordt veel gelachen.
Er wordt gesjacherd en gebradeerd en iedereen lijkt intussen een meester in het
onderhandelen te zijn - met de glimlach en met zowel wit als zwart en alles wat
er tussen ligt. Klap op de vuurpijl: er loopt behoorlijk wat bekend volk langs de kraampjes en daar staan ze toch van te kijken.
Wij wonen
hier intussen al een tijdje, met regelmatig wat downs, maar de laatste jaren
toch vooral ups. Het in onze tweede natuur geworden om de buurt te verdedigen.
Soms denk
ik dat we daarom zo hard onze best doen om ‘goede buren’ te zijn. We willen
bewijzen dat het hier goed wonen is voor iedereen. We weten het intussen natuurlijk,
maar we moeten de rest van de wereld ook op de hoogte brengen.
‘Die
rommelmarkt was eigenlijk één grote burendag’, merkte gisteren iemand op.
Dat was zo. Maar het was véél meer dan dat.
Het was meer dan wat rommel kopen en verkopen.
Het was een PR-stunt
die geen enkel bureau had kunnen verzinnen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten